Hoofdstuk 65: Schurken of eenzame wolven?
(Ares' perspectief)
Als je me een half uur geleden had verteld dat ik zou overwegen om weer bij een roedel te gaan, had ik je voor gek verklaard. Het is nu iets meer dan drie jaar geleden dat onze roedel werd aangevallen. Sindsdien rennen we. Begrijp me niet verkeerd. Alles wat ik ze vertelde was waar. Er was maar één ding dat ik had weggelaten. De Merc's.
De Merc's waren als huurlingen. Ze volgden ons de afgelopen twee jaar overal waar we gingen. Ze wilden iets van ons, maar we konden niet achterhalen wat. Ik heb altijd gedacht dat zij degenen waren achter de aanvallen. Ja, aanvallen. Meervoud. Kijk, mijn vader, die destijds de Beta was, en de Alpha's waren niet bij de roedel op de avond van de aanval. We weten niet wat er met ze is gebeurd, maar we weten allemaal dat ze nog leven. We kunnen nog steeds de band van de roedel met hen voelen. Het is ernstig zwak, maar het is er nog steeds.